De openbare ruimte als middel

De openbare ruimte als een tuin van ons samen! Hoe kun je gebruikers eigenaarschapsgevoel geven bij een plek die ook van hun is? Gedrag van gebruikers is grotendeels (80%) voorspelbaar, dus beïnvloedbaar, dus ook een middel.

Een leuk voorbeeld van hoe gedrag de inrichting van de openbare ruimte bepaald zijn “Olifantenpaadjes”, de innerlijke drang naar de kortste weg. Ontwerpers kunnen van alles verzinnen, de gebruiker is nóg creatiever en eigenwijzer!

De belevingsadviseur neemt het gedrag dan ook als uitgangspunt bij de ideeën en adviezen. Gewoon, omdat dat het beste werkt en een duurzaam effect heeft.

Door de ogen voel je je onbewust bekeken ook al weet je bewust dat een afbeelding niets kan zien.

Ogen graffiti

Alleen al een parkeervak maakt duidelijk wat er van je verwacht wordt.

Fietsparkeervakken Delft

De openbare ruimte als een faciliteit:

Een openbare ruimte moet vooral veel en goed gebruikt worden. Bijvoorbeeld een fietsenrek op een logische plek zorgt dat de fietser zijn fiets in het rek zet. Een fietser wil zijn fiets het liefst zo dicht mogelijk bij de ingang zetten, dit gedrag is belangrijk als de plek wordt bepaald. Als er maar duidelijk visueel gecommuniceerd wordt waar je mag parkeren dan zullen de meeste mensen dat ook keurig doen. Een leuk filmpje hierover is Fietszwermen door Roosmarijn Vergouw

De openbare ruimte als identiteit van een plek:

Anonieme stenige plekken zijn geen “tuin van ons samen”. Straatmeubilair “kleedt de ruimte aan” zoals meubilair dat doet bij een interieur. De inrichting van de openbare ruimte is net zo goed sfeerbepalend en heeft een weerslag op de gebruikers; ligt er asfalt of kasseien, de hoeveelheid groen, is het een plek waar je wil verblijven of die je alleen maar wil passeren etcetera. Door de inrichting krijgt een plek identiteit en bepaalt mede de beleving en het gedrag van de gebruikers. De belevingsadviseur verbindt mensen met een plek en met elkaar.

Openbare vogelhuisjes